
Marianne Timmer bij afstandskampioenschappen in vorige seizoen
Opinie
Marianne Timmer heeft het boek van de vorige winter dichtgeklapt en wil geen oude koeien meer uit de sloot halen, staat op 30 oktober in het Algemeen Dagblad. Maar even daarvoor zegt Timmer in hetzelfde artikel;” Er is nogal wat veranderd. Qua sfeer is het in vergelijking met vorig jaar een verschil van dag en nacht. Het klikt binnen de groep, het is prettig te weten dat een aantal karakters bij elkaar past. Het is nu veel rustiger.” Om door te gaan met:”De haantjes zijn uit het hok. we lachen vaker, wachten op elkaar. We hebben meer ‘gevers’ in de ploeg.”
Die haantjes moeten dan zijn Annette Gerritsen, waar Timmer al lang mee in één ploeg zat, Linda de Vries, een vuurvreter en ambitieuze schaatsenrijdster, Anice Das, een heel zachtaardig type, zo van de buitenkant te zien, Irene Schouten, een hele tijd geblesseerd of Lotte van Beek, die ook niet overkomst als een brutale haan. Of het chique is op deze manier te reageren als je zegt dat je het boek hebt dichtgeklapt is de vraag, maar wat eveneens de vraag is, was Marianne Timmer wel klaar om als coach te functioneren. Niets ten nadele van de gedreven Marianne Timmer als schaatser, maar als coach kwam zij, althans in het begin en van buiten de baan geobserveerd nu niet direct als krachtdadig en gedreven over. Zij stond, dat schreef ik in die tijd ook al op dit weblog, tamelijk timide langs de kant te coachen. Maar ik geef direct toe dat het beeld wat je van een coach op het ijs krijgt niet altijd overeenkomt van de capaciteiten van de coach. Een ander goed voorbeeld daarvan is Jac Orie, die altijd met zijn handen in de zakken langs de rand van het ijs de indruk geeft, dat hij het liefst zo snel mogelijk weer naar de warme kachel wil.
Feit is dat Timmer verderop in het interview aangeeft:” Ik heb nu de tijd genomen voor gesprekken. Wat wil je, wat zijn je ambities en doelstellingen?” En juist in dit laatste zou wel eens de kern van het probleem van vorig jaar geraakt kunnen zijn. En dat dat moeilijk was voor Marianne Timmer is verklaarbaar als je bedenkt dat zij in haar eigen schaatscarrière, vooral later, precies wist wat zij wilde en misschien helemaal geen gesprekken nodig had.
Ik wens Marianne Timmer in ieder geval met haar Ligaploeg een goed preolympisch jaar en meer succes dan in het vorige jaar toen het dus op vrijwel alle fronten tegenzat. Zij zal dat dan moeten doen met Margot Boer, Thijsje Oenema, Mayon Kuipers, Janine Smit, Yvonne Nauta en Janneke Ensing.