
Harry Snuk in gesprek met Peter Barla (foto Erik Post)
Op de site Volleybalkrant.nl lazen we het volgende item.
Laatst maakten we een leuke discussie mee over de rol van de speakers tijdens een volleybalwedstrijd in de zaal. De één vond ze vaak irritant en pleitte er voor dat ze veel vaker gewoon hun mond moeten houden. De ander beweerde juist dat ze – net als bij het beachvolleybal – zo veel mogelijk commentaar moeten leveren.
Wat vinden jullie als bezoekers van Volleybalkrant. Hebben jullie behoefte aan commentaar na iedere rally in combinatie met opzwepende kreten? Of vinden jullie dat een speaker zich bescheiden moet opstellen en dat vooral de volleyballers zelf maar voor het ware entertainment moet zorgen. Laat het ons weten via de nieuwste poll en schroom niet om nog wat genuanceerd commentaar te leveren.
Bij de laatste poll werd overigens duidelijk dat de meeste liefhebbers de competitie bij de Eredivisie van mannen aantrekkelijker vinden dan die van de vrouwen. We kregen overigens een mail met opmerking dat ‘wij als Volleybalkrant te veel zaten te zeuren over de competitie bij de vrouwen’. En dat we niet ‘positief genoeg zijn’.
Wij nemen die kritiek zeer serieus. Zoals we ook hopen dat de Nevobo en de bond onze kritiek op de bovenste twee afdelingen van het vrouwenvolleybal serieus nemen. Want wie het vrouwenvolleybal serieus neemt, zou misschien iets beters kunnen bedenken dan deze twee formules.
Commentaar Sebo Gankema:
Moeilijk item. Persoonlijk hoeft dat lawaai van de speaker van mij niet. Maar als de speaker alleen zakelijk informeert wordt het wel een saaie bedoening.
Bij volleybal (Abiant Lycurgus) zit over het algemeen in tegenstelling met wat ik bij basketbal (Gasterra Flames) en FC Groningen meemaak rustig publiek. Als bij Lycurgus speaker Harry Snuk niet zijn uiterste best zou doen het publiek enthousiast te krijgen zou het dood katoen zijn. Conclusie het enthousiasmeren van publiek is belangrijk, maar niet tegen elke prijs.